De kiwi

De Latijnse naam voor Kiwi is Actinidia Deliciosa en de plant komt oorspronkelijk uit China. De plant groeit onder andere in de Yangtze Vallei, waar ze in de bossen tot wel 9 meter hoog groeien. Natuurlijk is het vooral Nieuw Zeeland dat bekend staat om de kiwi, daar heeft de kiwiteelt zich dan ook het meest ontwikkeld. Rond 1750 werd de actinidia-plant ook in Europa geïntroduceerd, aanvankelijk vooral vanwege zijn mooie bloemen en niet echt voor het fruit. Pas in 1960 gaven de inwoners van Nieuw Zeeland de vrucht haar huidige naam, omdat ze vonden dat ze leek op de typische ronde en harige vogel, die één van de symbolen is van hun eiland.

Er zijn ontzettend veel verschillende soorten kiwi’s, ongeveer 50 rassen die allemaal oorspronkelijk uit China komen. In de winkel ligt vooral het ras ‘Hayward’. Dit ras is relatief laat rijp en geeft mooie, grote vruchten en veel vruchten aan een plant. Ook wij telen wat Hayward, maar vooral als vergelijk. Voor onze teelt zijn wij op zoek gegaan naar rassen die meer passen bij het Nederlandse klimaat en dus wat eerder afrijpen.

Een kiwi heeft ongeveer de grootte van een kippenei en heeft een bruine, harige schil. De gele kiwi heeft geen haren, maar een gladde schil. Een rijpe kiwi kan gegeten worden als fruit op zichzelf maar is ook heerlijk in fruitsalades en desserts. Een kiwi is een echt bommetje vitamines en bevat een grote hoeveelheid vitamine C. Maar de kiwi valt niet alleen op door de vitamine C, het heeft een bijzonder hoge voedingswaarde vergeleken met andere fruitsoorten. Want ook vitamine E, B9, tal van mineralen (kalium, magnesium…), voedingsvezels, antioxidanten en chlorofyl komen veel voor in de kiwi. Het fruit bevat heel weinig calorieën en is prima geschikt voor een licht en gezond dieet. Wilt u meer weten hoe u kiwi’s kunt gebruiken of bewaren?